Historiek

Stichting    

“DE TOEKOMST” werd op 25 september 1965 opgericht door Jef Beerden, Henri Janssen en Henri Godfroid en een drietal anderen. Die eerste vergadering vond plaats in het café ‘bij Frenske van Poldien op de Steenweg in Rekem. Officieel werd de club door de Belgische WielerijdersBond opgenomen op 19 december 1965.

Jef Beerden (bakker te Maasmechelen) werd voorzitter, Henri Godfroid (de lange coiffeur) secretaris en Henri Janssen (fitsemeker), schatbewaarder. Nog drie andere leden, waaronder Gerard Kusters, maakten deel uit van het bestuur.

Men telde een vijftal leden, waaronder één dame: Jenny Briers, echtgenote van de voorzitter.

Het lokaal was ‘café Palace’, Steenweg 33: bij Piet Schoenmaekers (op de hoek van de Steenweg en de Koning Albertlaan, nu Populierenlaan).

Georganiseerde ritten over heel België verspreid werden gereden.

De eerste clubtrui was een blauwe met een dwarse rood-gele dubbele band, de kleuren van de gemeente Rekem.

 

De jaren ‘60

Op 14 augustus 1966 reed een groep van de Toekomst het 200 km-brevet: hieronder ook dame Jenny Briers.

In augustus 1966 werd de eerste vrije fietstocht door De Toekomst georganiseerd. Op 7 augustus 1967 werd deze tocht onder de BWB-vlag georganiseerd en ging door voor de eerste officiële Maas- en Kempenroute, een geleide tocht voor wielertoeristen over 100 km, die nog altijd jaarlijks doorgaat, en in 2016 aan zijn jubileumeditie (50ste) zal toe zijn.

Vanaf 1968 werd een clubkampioenschap georganiseerd, een wielerkoers van 40 km met kampioenen in drie categorieën, onder de 30 jaar, 30-50 jaar en plus-50. Marcel Ghysen werd de eerste clubkampioen op 8 september 1968.

Eind 1968 werd, zoals dit destijds in veel dorpen gebeurde, een tweede club, nl. “BLIJF JONG”, in Rekem opgericht.

Op 1 juni 1969 werd een tweede rit, nl. de Maaslandse Pijl, georganiseerd, over 88 km.

1970 startte dramatisch: door een ongeval kwam schatbewaarder en motivator Henri Janssen op 12 maart om het leven.

De Maas- en Kempenroute kende een groot succes op 2 augustus 1970. De afstand bedroeg 142 km en er kwamen honderden deelnemers, waaronder fietsers uit België, Nederland en Duitsland.

Het seizoen 1970 eindigde ‘De Toekomst’ met 19 fietsende leden die samen 309 ritten gereden hadden met in totaal 24.211 km. Vier leden reden extra 3.249 km in diagonalen, Ronde van de Ardennen, Eifel, Ronde van Namen, en Mathieu Fraussen reed Brussel-Parijs-Brussel, dus nog eens 600 km extra.

 

De roemrijke jaren na de fusie

Op 10 januari 1971 werd Firmin Borghoms voorzitter en dreef de fusie door van de twee wielertoeristenclubs uit Rekem. Dit werd dan W.T.C. DE TOEKOMST-BLIJF JONG, met overname van het stamnummer van De Toekomst, nl. 707. Het lokaal was bij Vic & Gerda op de Koning Albertlaan (nu:Populierenlaan) te Rekem. Op dat moment bestonden in Limburg amper 6 wielertoeristenclubs. Er schreven zich 48 fietsers in bij de nieuwe fusieclub D.T.B.J. en deze 48 leden reden in 1971 in totaal 44.805 km, waarvan 26 leden meer dan 10 ritten; er waren 7 laureaten.

 

De grote jaren van D.T.B.J. waren 1972 en 1973.

Op het clubfeest in januari ’73 werd er behoorlijk wat gevierd: voor de eerste keer had de club een sponsor, de firma Autostock Jean Van Lingen, die nieuwe kledij betaalde. Er waren liefst 56 leden ingeschreven. Succesvolle organisaties waren de Maas- en Kempenroute en de Maaslandse Pijl.  Ook werd een zesdaagse op rollen georganiseerd. Voor het seizoen ’72 won de club de Nationale Beker der Diagonalen. Met 34 leden werd samen 41.092 km afgelegd, het hoogste aantal kilometers tot dan ooit in België afgelegd….

1973 werd hét topjaar van D.T.B.J. Er werd gestart met 69 leden. De club won voor de tweede keer de Beker der Diagonalen met een totaal van 31.200 km; 92 diagonalen werden gereden door 26 leden, waarvan Pierre Cusin alleen al 11.534 km voor zijn rekening nam, Henri Godfroid 3.490 km en Jos Fraussen 2.630 km. Deze drie veteranen legden samen 17.644 km af, alleen tellend voor de diagonalen. Bovendien haalde de Rekemse club de eerste prijs voor Limburg op de Nationale Bijeenkomst in Sint-Niklaas. Ze won de Limburgse Beker met de meest cluboverwinningen (22) en op nationaal gebied de 2de plaats (na Meeuwen) met 22 laureaten. Pierre Cusin uit Opgrimbie werd Kampioen van België met 16.228 km. Tevens nam de club met drie ploegen deel aan het Limburgs Kampioenschap snelheid te Zolder, waarmee de 1ste, 6de en 10de plaats behaald werden.

In 1974 haalde de club voor de 3de keer de Wisselbeker der Diagonalen, die daarmee eigendom van de club werd. Tot op heden staat deze beker nog te pronken in ons huidig lokaal, Café-Taverne Gegri.

In 1975 behaalde D.T.B.J. de 12de plaats op de Nationale Bijeenkomst in Geel en was de eerste Limburgse club met 42 deelnemers. Er werden 34 diagonalen gereden. Een aantal leden reed Rekem-Rome-Rekem. Een ander behaalde het Gouden Wiel en het brevet 1000 km.

 

Uitzwermen van leden en de magere jaren ‘80

In 1976 begonnen bepaalde leden de club te verlaten. Albert Verkissen, Frans Schoonen en Jaak Dewael trokken terug naar hun dorp Dilsen en stichtten daar de W.T.C. DE MAASLANDERS. Ook de W.T.C. DE GRENSRIDDERS uit Kotem groeide uit een groep ex-leden van de club. Andere mensen haakten af, omdat het fietstempo te laag was. Overal werden nieuwe clubs gesticht en De Toekomst-Blijf Jong werd kleiner.

In 1981 verhuisde de club naar een nieuw lokaal, café Ge-Gri.

In 1982 kon een nieuwe sponsor, de firma NOLIKO uit Bree, binnengehaald worden, die de uitrusting tot 1995 zou financieren.

De tachtiger jaren waren niet de meest glorieuze jaren. De club telde slechts een 15-tal leden. Toch hadden we een toffe club en iedereen deed zijn best, maar opvallende resultaten waren er niet.

In 1989 werd gestart met een clubboekje, dat een jaarlijks weerkerend succes werd voor alle geïnteresseerden.

 

De jaren ’90: vooral organisatorische hoogtepunten

De jaren ’90 begonnen zeer goed, want als kleine club werd D.T.B.J. geselecteerd om de 49ste Nationale Bijeenkomst in ’91 in te richten. Hopen werk, maar het werd een succes. Bijna 5000 deelnemers, waaronder een aantal prominenten als ministers Dewael en Sauwens, Nationaal Voorzitter Vallée en Burgemeester Vangronsveld, passeerden de inschrijftafels. De 6de en 7de juli waren echte hoogdagen voor het wielertoerisme in Limburg en voor de club.

Twee jaar later, in 1993, werd de club door “Het Belang van Limburg” gevraagd om de Koninginnerit in te richten voor de Ronde van Limburg voor Liefhebbers met start en aankomst in Lanaken, op Pinkstermaandag, 31 mei ’93. Ook dit werd weer een succes. Aan de aankomst waren er meer dan 5000 toeschouwers.

Na 1993 draaide de club verder met 15 à 20 leden. Weer kregen we nieuwe kledij, in 1995, gesponsord door Eycken Meubelen in Herderen en Dicogel in Staden. Ook werden heel wat prestaties neergezet: in die jaren haalde de clubkampioen steevast 10.000 km, met als absoluut hoogtepunt in 1993 de ruim 35.000  km van clubkampioen Henri Welkenhuyzen uit Zutendaal, die daarmee 4de in Limburg werd.

De club kreeg een nieuw elan, doordat er geïnvesteerd werd in vernieuwing op structureel-organisatorisch vlak. Het bestuur werd uitgebreid en verjongd, wat resulteerde in heel wat nieuwe ideeën en realisaties. De gevolgen bleven niet uit: op organisatorisch vlak werd gestart met een fietshappening voor iedereen (1997), de klassieker Rekem-Francorchamps-Rekem werd aan de nieuwe ontwikkelingen aangepast, er werd in 1999 gestart met een grootse mountainbike-organisatie waar jaarlijks altijd meer sportievelingen aan deelnemen, maar ook intern werd het clubkampioenschap gemoderniseerd, het fietsprogramma uitgebreid, gemoderniseerd door speciale ritten en een weekend in het buitenland. In 1998 was D.T.B.J. de eerste wielertoeristenclub in Limburg met een eigen website.

 

Met modernisering de 21ste eeuw in

In 2000 kon de club, die nu 32 leden telde, beginnen met een volledig nieuwe uitrusting in uniek design en professioneel materiaal dankzij de inbreng van heel wat sponsors met vooral hoofdsponsor Princess Keukens uit Zutendaal.

Het ledenaantal bleef groeien, de prestaties al evenzeer. Eind 2001 werd clubkampioen Edmond Broeders uitgeroepen tot sportman van het jaar in Lanaken, iets wat zeer uitzonderlijk is voor een recreatieve sporter, voor zijn fietsprestatie na een levertransplantatie. Zijn toppunt bereikte hij in 2002 met 28.726 km. In 2003 werd met 43 leden voor de zoveelste keer het clubrecord gebroken met 179.305 km. (4 keer meer dan 9 jaar eerder).

2004 begon schitterend met een gloednieuwe uitrusting, dankzij heel wat sponsors, zowel blijvers als Princess Keukens, maar ook enkele nieuwkomers.

De club telde nu meer dan 40 fietsende leden, organiseerde al voor de 40ste maal de  Maas- en Kempenroute, en voor de 37ste keer Rekem-Francorchamps-Rekem over ruim 200 km.

In dat jaar ontstond uit de club een nieuwe club, de zgn. MTB Rekem, een zusterclub van De Toekomst, vooral met het oog op mountainbike-activiteiten. In 2007 werkte MTB Rekem en De Toekomst samen aan een nieuw mountainbikeproject in Maasmechelen Village, dat voor het eerst ruim 1.000 deelnemers telde.

 

Back to the future

Begin 2008 werd beslist de naam van de club terug te brengen tot zijn oorspronkelijke, nl. tot WTC De Toekomst Rekem-Lanaken.

In datzelfde jaar werd de club uitverkoren om voor de 2de maal de Nationale Bijeenkomst voor Wielertoeristen te organiseren. Ondanks een tanende belangstelling de laatste jaren voor dit evenement kwamen dankzij de grote inspanningen van alle clubleden nog ruim 3.200 deelnemers aan de start van deze tweedaagse in het Cultureel Centrum te Lanaken.

In augustus 2009 werd besloten om over te stappen naar de Vlaamse Wielrijdersbond vanwege zijn modernere mogelijkheden. Ook besliste de club tot een overgang naar een v.z.w.-structuur.

De successen bleven niet uit: niet alleen groeide het ledenaantal nog tot ruim 50 leden. Ook de wielerorganisaties kenden elk jaar een groeiend succes. Rekem-Francorchamps-Rekem klom van categorie 1 naar semi-klassieker en meteen naar Heroica. Voor het eerst werd hier ook de kaap van 1000 deelnemers ruim overschreden. De Karsten Kroon Classic over Nederlands-Limburgse wegen zorgde voor een bijkomend elan met tussen de 500 en 1000 deelnemers. De mountainbike-organisatie in november steeg tot ruim 1300 deelnemers.

 

De club in 2015.

In de tweede helft van 2013 werd beslist tot het oprichten van een damesafdeling, die definitief in 2014 is gestart. In 2013 leverden de toporganisaties, de 44ste Rekem-Francorchamps-Rekem ruim 1300 deelnemers en in 2014 het mountainbike-evenement, 8ste Euregio MTB Classic ook ruim 1500 deelnemers op.

In 2015 telt de club 73 fietsers, waaronder 11 dames, en daarbij nog een aantal vrijwilligers en sympathisanten. De club is gestart met nieuwe sponsors (Assign en To Be-Baillien) en een volledig nieuwe uitrusting, fietst met al zijn leden ruim 200.000 km en krijgt (bij goed weer) jaarlijks ruim 3.000 deelnemers bij zijn drie succesvolle fietsevenementen.

De club staat klaar voor zijn gouden jubileum!